Tag archieven: Martin van der Kamp

Museum Betje Wolff

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer Museum Betje Wolff.

27 mei [1992] – 16.15 – (…) In Middenbeemster bezochten we dan eindelijk het Museum Betje Wolff. Het was goed enige tijd te vertoeven in zolderkamer ‘Kipperust’ waar deze grote vrouw zo veel jaren heeft gewerkt. De woning is bescheiden voor een pastorie, niet meer dan een flink uitgevallen dorpshuisje. Van Betje zelf is er, meen ik, helemaal niets, wel heeft men er haar werken bijeengebracht en de boeken waarvan ze hield. We zaten een tijdje op de bank in de tuin, keken omhoog naar haar kamertje. Ik had graag iets ter ere van Betje Wolff, mijn streekgenoot, in het gastenboek geschreven. Maar het leek me te pretentieus, en daarom liet ik het bij een meditatie in het studeervertrekje. (…)

De Hoekweide

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp
landschappen en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en
werk van Hans Warren. Deze keer de voormalige galerie De Hoekweide,
Nazareth 4, Wolphaartsdijk
.

19 nov. [1992] – 20.30 – (…) Om twee uur vanmiddag moesten we in
galerie De Hoekweide in Wolphaartsdijk zijn, ik heb beloofd de
tentoonstelling van Hens van der Spoel te openen. (…)

Workum

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze maand: Workum.

In het tijdschrift In weer en wind publiceerde de jonge Warren (die zich hier nog Joh. A.M. Warren noemde) een reiskroniek. Deze aantekeningen uit zijn natuurdagboek stammen uit 1942 en werden in 1946 gepubliceerd. In zijn Geheim Dagboek noteerde hij over dit uitstapje: “27 juli – 12 u – Zaterdagavond thuisgekomen van een elfdaagse zwerftocht naar de noordelijke provincies.” (1942 – 1944, p. 33).
23 juli [1942]. (…) Even buiten Hindeloopen reeds beginnen de onafzienbare, kilometers brede en lange groene waardgronden, waar nu veel koeien graasden, waar we zelfs landbouwcultures aantroffen en… een voetbalveld, alles op plaatsen, waar vroeger slechts kale zandplaten lagen. Doch overal had het water ons parten gespeeld. Door de hevige wind opgestuwd, had het alles overstroomd, deze nacht zelfs nog, en nu zag alles er verlaten en troosteloos uit. Er visten wat visdieven en zwarte sterntjes en verder zagen we heel ver weg de witte schuimstreep van het IJsselmeer. Toen we het stadje Workum binnenreden, plensde opeens het heldere zonlicht in milde overdaad in de brede straat, over de talloze oude gevels, over de bomen en over de enorme heldere wolkgevaarten, die snel dreven in het hemelsblauw. Het was als een feest, zo licht en fleurig. (…)

St Agatha

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: St. Agatha.

Uit Geheim Dagboek:
14 sept [1997] – zondag, 20.20 – (…) Ons volgende doel was het dorpje St. Agatha, nabij Cuyck. Ten huize van Ursula Heys-Voorhuis was een tentoonstelling Dierenmotieven in de Afrikaanse kunst. Veel interessanter bleek haar eigen collectie. Ze verzamelt vooral kunst van de Yoruba, ze heeft alleen al tweehonderd ibeji’s. Ze is erg gul. M. en ik wilden alleen mineraalwater, maar ze ontkurkte wijn, er stonden versnaperingen. Waarschijnlijk is haar man dood, er stond een foto van een sympathieke heer op een tafeltje. Het pand dat ze bewoont, hoek Liesmortel-Gildeweg, was vroeger een winkel die ze helemaal heeft laten verbouwen om haar collectie in onder te brengen. (…)

Zwartsluis

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer de Arembergergracht (thans met verharde weg) en Zwartsluis.

In het tijdschrift In weer en wind publiceerde de jonge Warren (die zich hier nog Joh. A.M. Warren noemde) een reiskroniek. Deze aantekeningen uit zijn natuurdagboek stammen uit 1942 en werden in 1946 gepubliceerd. In zijn Geheim Dagboek noteerde hij over dit uitstapje: “27 juli – 12 u – Zaterdagavond thuisgekomen van een elfdaagse zwerftocht naar de noordelijke provincies.” (1942 – 1944, p. 33).


18 juli. [1942, te Belt-Schutsloot] Gezellig klonk het geklots van langsvarende punters, toen ik ontwaakte, maar de vroege morgen was heel triest en dreigend, met strakke, grijze regenluchten. Wassen deed je aan het waterstoepje aan de sloot. En het vuile water keerde meteen tot zijn oorsprong terug, maar van wegstromen merkte je niet veel. De wielewalen miauwden in de wilgen, de koekoek riep nog gedurig, hoewel het al vrij laat in de tijd werd en de paapjes keken met nieuwsgierig opgetrokken witte wenkbrauw toe bij al wat je deed, vanaf hun post op de drogende mattebiezen. (…) Tegen vieren kwamen we bij Thijs’ huisje aan, waar we op hete geitenmelk werden getracteerd en na een stevige maaltijd reden we langs de Aremberger gracht naar Zwartsluis, om inkopen te doen en verlopende bonnen te ruilen. Over de gracht vloog laag een purperreiger en in een weiland onder Zwartsluis vertoefden meer dan honderd grutto’s. In de krabbescheervelden verzorgden zwarte sterns nog hun late jongen. Heftig bestookten ze de kiekendieven, die telkens langs schommelden, doch die zich van de woede der kleine sterns weinig aantrokken. Van Zwartsluis trokken we naar Giethoorn (…).

19 juli. [1942] Al vroeg waren we door de druilerige morgen aan het fietsen, we reden via Zwartsluis en Hasselt naar Zwolle (…).