Tag archieven: Martin van der Kamp

P.J. Meertens

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer P.J. Meertens. 

Pieter Jacobus Meertens (Middelburg, 6 september 1899 – Amstelveen, 28 oktober 1985) was letterkundige, volkskundige, dialectoloog en oprichter (later ook directeur) van de Bureaus voor Volkskunde, Dialectologie en Naamkunde (tegenwoordig het Meertens Instituut). Na het gymnasium in zijn geboortestad studeerde Meertens Nederlandse taal en letterkunde te Utrecht en promoveerde op het “Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw”. Warren was in 1941 korte tijd volontair van het Dialectenbureau.Meertens’ graf (en van zijn moeder Adriana Jacomina Mak; Rotterdam, 11 januari 1870 – Utrecht, 29 januari 1944) bevindt zich op begraafplaats Soestduinen aan de Gansstraat 167 te Utrecht.

Uit: Ik ging naar de Noordnol:

1 okt. [1941] – (…) Wat een stommiteit is het geweest, naar Amsterdam te komen. Meertens kan me het eerste jaar niet veel hoop op een gesalarieerde baan geven, akkoord. Maar wat ik hier doen moet is zelfs voor een eerste dag ietwat tè onnozel. (…)
2 okt. [1941] – Ik heb eens voorzichtig geïnformeerd: er werken op dit ‘Dialectenbureau’, behalve Dr. P. Meertens, slechts twee andere, uiterst mager gesalarieerde krachten. Het heeft geen enkele zin dit geestdodende werk voort te zetten, ik stop er dan ook mee, (…).
4 okt. [1941] – (…) Ik heb Meertens laten weten dat ik morgen, zondag, al vertrek, maar ik ga denk ik dinsdag pas. Meertens is me niet sympatiek, hij heeft iets arrogants, zelfs in zijn spreken. (…)

Uit: Geheim Dagboek:
22 juni. [1958] – Zondag, 20.30. – Ik hoor tot de mensen die, als het enigszins kan, een siësta houden. (…) Maar men vindt siësta houden blijkbaar een decadente aangelegenheid. Het lijkt iets te zijn waarvoor je je dient te verontschuldigen, zelfs al word je gestoord, iets voor douairières en fatten. Dat bleek me vanmiddag weer eens toen P.J. Meertens onaangekondigd op bezoek kwam. Ik lag te rusten, stond direct op, maar kreeg niettemin op nauw verholen misprijzende toon te horen: “Siësta houden, dat heb ík me nog nooit kunnen permitteren.’ (…) Het werd best een gezellig bezoek.
1 okt. [1970 – Om vier uur vanmiddag werd in Middelburg het Zeelandnummer van Maatstaf aangeboden aan de Commissaris van de Koningin, Van Aartsen. (…) Op de bijeenkomst waren onder andere ook: Andreas, Faro, Meertens, Van Schagen (…).
29 sep. [1996] – zondag, 11.20 – In oktober 1941 heb ik welgeteld vier dagen op het Dialectenbureau van P.J. Meertens gewerkt. (…) Zestien jaar later zou een andere schrijver bij dezelfde instelling gaan werken. Hij moet het er minstens even onaangenaam hebben gevonden als ik, maar hij hield het er dertig jaar vol. J.J. Voskuil. (…)

ertens

Berkenwoude

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: de eendenkooi van Berkenwoude.

Uit Geheim Dagboek:

20 juni. [1943] – Naar Stolwijk, een lange tocht met heerlijk licht schouwtje, geleend van boer Anker, door de Krimpenerwaard, tot aan het Pragergat, de Loet, waar we, teken des tijds! verbasterde jonge wilde eenden verschalkten en zonder pardon de nek omdraaiden als mondvoorraad voor later. Naar de eendenkooi van Berkenwoude. Vogels, planten, alles was er prachtig. Op de terugweg moesten we af en toe ‘overtrekken’, met de boot over de weg, van de ene naar de andere sloot. We kochten een liter melk zo warm van de koe (de boer zat te melken) en dronken die gulzig op. Verbrand en moe keerden we thuis, veel te laat voor het eten natuurlijk.

Rijsoord

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer het voormalige restaurant Hermitage (thans: Ross Lovell) aan de Rijksstraatweg 67 te Rijsoord (bij Ridderkerk).


Uit Geheim Dagboek:
27 feb. [2000] – zondag, 15.30 – Gistermiddag zijn we op pad gegaan. Het was overal prachtig, (…) M. genoot zo dat ik er m’n eigen ongerieven graag voor over had. We besloten in Hermitage in Rijsoord te gaan eten, mooi gelegen aan het water. De kreeft was goed en mals, maar saai gepresenteerd, verloren in hopen konijnenvoer. (…)

Rosmalen

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: restaurant ‘Heerenbeek’ te Rosmalen (Graafse Baan 42, thans restaurant ‘Casa Don Arroyo’).

Uit Geheim Dagboek:
10 april [2001] – gisteren en vandaag 88 kg. – 13.15 – Gistermiddag om halftwee zijn we naar Brabant vertrokken. Het belangrijkste doel: de Antiekbeurs in Den Bosch, waar we van vier tot zeven hebben rondgekeken. (…)Ik was heel moe geworden en strompelde bij het gaan. Daarom koos M. voor een restaurant waar alles moeiteloos bereikbaar is: ‘Heerenbeek’ te Rosmalen. Ik heb zo goed als niets gegeten, alles was schaamteloos slecht. Ik vreesde dat M. weer in de contramine zou zijn, maar hij vond het maal ook smerig. Vooral de hoofdgerechten bleken volstrekt ongekund. De kok had mijn ‘oedangs’ niet eens warm weten te krijgen. We waren in een uurtje weer thuis. Maar we werden geflitst, wat M. altijd woedend maakt. Hij bleef maar foeteren. De hele rechtsstaat wankelt wanneer hij wordt bekeurd. (…)

Gennep

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: Gennep.

Uit Geheim Dagboek: 
18 april [1991] – 14 uur – (…) In Gennep bekeken we het raadhuis en de gevel van de hervormde kerk in wat ‘rustige barok’ heet. Eigenlijk mocht er geen versiering aan, maar de uitbundige stijl liet zich niet helemaal onderdrukken. (…)
5 juli [1998] – zondag, 12.45 – (…) We maakten nog een rondrit langs de Duivelsberg en het Reichswald eer we naar het Streekmuseum in Gennep gingen, voor de opening van een expositie uit de collectie van Ursula Heys-Voorhuis. Een enorm gekrakeel, gegalm onder de gewelven. Hans Witte en zijn vrouw Nettie, een aardige, slanke verschijning. Ursula, in het blauw en stralend. Een oude heer met stok, nog gammeler dan ik, kreeg een Afrikaans krukje aangereikt om op te zitten, ik benijdde hem.