Categoriearchief: Uit de nalatenschap

Momenteel werkt Mario Molegraaf aan de biografie van Hans Warren. Op zijn ontdekkingstocht door het leven van Warren stuit hij regelmatig op interessante vondsten. Op de eerste dag van elke maand deelt hij zo’n vondst met de bezoekers van onze website.

Uit de nalatenschap van Hans Warren 86 ~ Andriëtte M. Stathi-Schoorel

Een boek schrijven, haast iedereen kan het. Maar een boek waarin een opdracht aan jou staat gedrukt, dat is bijzonder. De overtreffende trap is zo’n opdracht in een Grieks boek. Maar het staat er wel degelijk, op pagina 7 van dit boek uit 2003, in echt Grieks: ‘Aan mijn vrienden uit Goes, Hans Warren en Mario Molegraaf’. Het gaat om de vertaling van een vijf jaar eerder in het Nederlands verschenen werk, Een glanzende fiets door Andriëtte M. Stathi-Schoorel. Met in één exemplaar ervan behalve de gedrukte ook nog een geschreven opdracht. Het boek bevat gesprekken met Griekse auteurs en liefhebbers van Griekse literatuur, onder wie ook – het zal geen verrassing meer zijn – Hans Warren en ondergetekende. Andriëtte Schoorel werd in 1941 geboren in Soerabaja, na een studie Engels vertrok ze naar Griekenland, waar ze Lefteris Stathis ontmoette, met wie ze in 1970 trouwde. Eind 2003 overleed ze in haar woonplaats Athene. Haar eerste bezoek aan ons was in november 1989. Precies twaalf jaar later, een maand voor Hans’ dood, kwam ze voor het laatst naar haar vrienden in Goes. Ik was om een boodschap toen ze arriveerde. Hans sprak tot ik terugkeerde met haar ‘over Plethon, de geleerde uit Mistras, het laatste bolwerk van de Byzantijnse cultuur’, naar zijn zeggen ‘het fijnste deel van haar bezoek’. Met wie zou je verder over dit onderwerp kunnen spreken? Hans Warren concludeert in zijn dagboek: ‘Ik sta er altijd weer verbaasd over dat deze kleine en onopvallend ogende vrouw zo’n diepgaande kennis van allerlei zaken heeft’. Ik zal me haar altijd herinneren, vanwege haar bezoeken en haar boeken, Andriëtte M. Stathi-Schoorel.

MARIO MOLEGRAAF

Uit de nalatenschap van Hans Warren 85 ~ Marga Minco

Dit is de maand dat Marga Minco, een van de belangrijkste moderne auteurs, een groot jubileum viert. De schrijfster van Het bittere kruid kan toch genieten van het zoete leven, zoals ik zelf heb mogen ervaren. Bijvoorbeeld op 24 juni 1984. Marga Minco en haar man, de dichter Bert Voeten, meldden zich die dag kort na vijf uur bij ons thuis. Wat later kwamen Mai Spijkers en Bert Bakker, van de uitgeverij waar de boeken van zowel Hans Warren als Marga Minco verschenen. Daar zitten ze dan, keurig in het pak, op de divan van het huis aan het Pijkeswegje. Van links naar rechts Mai Spijkers, ikzelf hurkend voor een weelde aan pauwenveren, Hans Warren, Marga Minco en Bert Bakker. De maker van de foto, Bert Voeten, ontbreekt. Er volgde een bezichtiging van onze tuin, die zag er aldus Hans Warren in zijn dagboek ‘indrukwekkend uit met al het geboomte en de grasvelden, bijna een park. Wild, onverzorgd, aangenaam’. Weer was er een fotomoment. Daarna de maaltijd, zoals heel vaak bij ‘Inter Scaldes’ in Kruiningen. De borden zijn nét leeg op de in het restaurant gemaakte foto. De contacten tussen de 2e Oosterparkstraat en Pijkeswegje 1 bleven, een enkele ontmoeting, boeken met opdracht, correspondentie. In de brief van 19 februari 1993 komen ze allemaal nog een keer samen. De briefschrijfster Marga Minco, de kort voordien overleden Bert Voeten, Hans Warren en ik, Bert Bakker die van het uitgeverstoneel verdween en Mai Spijkers (in wie ze haar vertrouwen uitspreekt). Marga Minco, overlevende en overlever, op 31 maart 2020 honderd jaar.

MARIO MOLEGRAAF

Uit de nalatenschap van Hans Warren 84 ~ Drs P.

Zelfs in het overlijdensbericht van Drs. P, ondanks of dankzij zijn sigaren heel oud geworden, klonk de vertrouwde toon. ‘Even uw aandacht graag!’ Hans Warren was een van de weinige serieuze literatoren die de plezierpoëzie niet negeerde. In zijn besprekingen en in zijn bloemlezingen schonk hij aandacht aan Drs. P. Andersom was er eveneens waardering. Beiden werkten mee aan het tijdschrift De Tweede Ronde en zo kwam het op 19 juli 1984 tot een ontmoeting. ‘Een aardige, beschaafde man, maar taal is enkel spel voor hem. Bij het weggaan maakte hij een paar hoofs-komieke buigingen,’ noteert Hans Warren. Drs. P maakte ook in dichtvorm enkele buigingen voor hem. Bijvoorbeeld in een ongedateerd vers waarin ‘oude knarren’ en ‘rond te darren’ feilloos rijmen op ‘Hans Warren’. Verder is er een fraaie hommage, geschreven op briefpapier van een hotel in Indonesië, met de datering 23 oktober 1986. Toen werd, kort na Hans Warrens vijfenzestigste verjaardag, zijn dichtbundel Tijd gepresenteerd, een heel evenement. Tom Lanoye sprak en Drs. P las met zijn stem uit duizenden dit gedicht voor over ‘drager van vertellerskruis, recensiedegen en poëtensteek’. Het Zeeuwse jongetje was volgens de zwaargewicht van het lichte gedicht ‘voorbestemd tot tronen – zegekarren!’ De vereerde vond dat, afgaande op wat hij in zijn dagboek schreef, te veel eer: ‘Ik sta te vaak oog in oog met de verstoteling van vroeger om de rol van vedette te kunnen spelen.’ Woorden waarbij je Drs. P kunt aanhalen: ‘Het is Hans Warren over wie ik spreek’.

MARIO MOLEGRAAF

Uit de nalatenschap van Hans Warren 83 ~ Christie’s

Aan de hand van de pasjes die iemand bezit, zou je bijna zijn of haar leven kunnen beschrijven. Dit is, van voren en van achteren, een van de pasjes van Hans Warren. Klant bij Christie’s. Op heel de wereld kon je met deze ‘Client Identity Card’ terecht, maar hij gebruikte hem uitsluitend te Amsterdam. Een tijdlang had het beroemde veilinghuis een volwaardig filiaal in Oud-Zuid, Cornelis Schuytstraat 57. Op sommige gebieden, uitgerekend de gebieden die ons interesseerden, werden er veilingen van het hoogste niveau gehouden. Juni 1989 durfden we voor het eerst de drempel over. Volgens de dagboekschrijver meende M. ‘dat je op zo’n veiling voordeliger kunt kopen’. Die eerste keer waagden we ons nog niet de zaal in, we boden schriftelijk. We ‘wonnen’, zoals dat heet, drie stukken. Heel de administratie, deels in Hans Warrens handschrift, is er nog. We zouden vaak naar Christie’s terugkeren en er veel aanschaffen, al dan niet met het door mij veronderstelde voordeel. De laatste keer was in november 2001, kort voor Hans’ dood. Vanwege een andere verplichting waren we niet bij de veiling, maar de schriftelijke biedingen hadden weer resultaat. Zo kon de dansende dakini, catalogusnummer 85, worden afgehaald. Samen met een beeldje van Shiva. In het dagboek wordt de verwerving vermeld: ‘Voor een redelijke prijs nog wel, samen zo’n f6.500’. De nota, waarop de goede oude gulden al naar de marge is gedrukt, vertoont een nóg iets redelijker prijs. Klantnummer 50740 bij Christie’s. Ik herinner me mooie middagen op stijve stoeltjes, bieden, bieden, en als je het hoogste bood, was het werkelijk of je won.

MARIO MOLEGRAAF

Uit de nalatenschap van Hans Warren 82 ~ Charles Hofman

De foto is van zaterdag 2 januari 1993. De plaats is Veere, het huis van uitgever Bert Bakker. Voor Gerrit Komrij was het de mooiste avond die hij in jaren had beleefd. Hij was ziek, maar vergenoegd steekt hij zijn zoveelste rokertje op en voor hem staat zijn zoveelste Grolsch. Rechts op de foto tussen Yteke Waterbolk en Hans Warren zit Charles Hofman, onlangs overleden en begraven naast Gerrit Komrij. Natuurlijk naast Gerrit Komrij, want naar het idee van al hun vrienden was Gerrit & Charles eigenlijk één woord. In die volgorde, dat wel, voor vrijwel iedereen stond Charles in Gerrits schaduw. Voor vertrouwelingen een stuk minder, Charles was altijd nadrukkelijk aanwezig, doorgaans gul en sprankelend, op mindere momenten bijna bruut. Charles Leopold Hofman, van begin af aan droeg Gerrit Jan Komrij zijn werk aan hem op. Hij had, behalve zijn schoonheid, allerlei gaven. Een bijzondere aanleg voor koken bijvoorbeeld, nauwelijks aan moeilijke eter Gerrit besteed. Maar ook voor kunst, hij maakte opmerkelijke glas-in-lood ramen en interessante grafiek. Soms sieren Hofmans prenten bibliofiele bundels van Komrij. Zie bijvoorbeeld dit speciale exemplaar van Het schip De Wanhoop uit 1979, nummer II, dat herinnert aan een maaltijd in het Amsterdamse restaurant ‘New Delhi’. Charles Hofman levert een portret van Gerrit Komrij. O ja, er was die vreselijke verwijdering tussen Gerrit en Hans, en daarmee tussen Charles en mij. Maar op een dag ga ik langs in Vila Pouca da Beira om bloemen te leggen op het graf van Gerrit & Charles, voor altijd één woord.

MARIO MOLEGRAAF