Plato compleet!

In januari is de reeks vertalingen van het werk van Plato voltooid, met de verschijning van deel 16 en deel 17 (Uitgeverij Bert Bakker). Tot deel 12 werkten Hans Warren en Mario Molegraaf gezamenlijk aan deze serie. In 1994 verscheen het eerste deel. Na het overlijden van Warren in 2001 zette Molegraaf het vertaalwerk alleen voort.


Warren inspireerde Wolkers tot schrijven van Zomerhitte

In de Volkskrant van vandaag staat het laatste interview met de in oktober vorig jaar overleden Jan Wolkers. Daarin zegt hij dat het idee voor de novelle Zomerhitte, het boekenweekgeschenk van 2005 en nu verfilmd door Monique van de Ven, ontstond nadat hij Warrens ornithologische studie Nachtvogels had gelezen.

Mea de Jong vroeg Wolkers hoe hij tot het schrijven van Zomerhitte was gekomen. Wolkers antwoordde:

Het is een boek dat ik al heel erg lang in mijn hoofd heb. Vlak na de oorlog, toen ik een jongen van een jaar of 24 was, kwam Hans Warren langs en die had een boek bij zich van een fotograaf waarvoor hij de tekst had geschreven. Nachtvogels heet het, en daarin zie je een uil die het oog van een van de fotografen uitrukt. Je ziet hem zo met dat oog wegvliegen. Dat beeld is me altijd bijgebleven, daar is Zomerhitte op gebaseerd. Het verhaal gaat over een fotograaf die alle liefde verloren heeft, afwezig is geworden en iedereen afstoot.

De fotograaf waar Wolkers het over heeft is de Engelsman Eric Hosking (1909-1991). Na het incident met de uil, waardoor hij zijn linkeroog verloor, is hij een van de beroemdste vogelfotografen geworden. Warren beschrijft inderdaad dit incident in Nachtvogels op pagina 112 (en in Geheim dagboek 1945-1948), maar een foto van het ongeluk ontbreekt in het boek. Wél staat er Hoskings beroemdste foto in: kerkuil met jonge rat bij nesthol. In 1945 publiceerde Hosking zelf een boek met de titel Birds of the night.

Correspondentie Warren-Lekkerkerker verschenen

Op de valreep van het jaar is verschenen: Kees Lekkerkerker en Hans Warren, Een verstokt necrofiel. Brieven 1973-1979.
De bibliofiele uitgave, van de Avalon Pers uit Woubrugge, is verzorgd door Menno Voskuil,
die er ook een korte inleiding bij schreef. Daarin schetst hij de geschiedenis
van de ‘levendige correspondentie’ tussen Warren en Lekkerkerker.
Dat de briefwisseling na 1979 plotseling stokte mag, volgens Voskuil, ‘erg spijtig’ worden genoemd,
vooral ‘vanwege de geestige ontboezemingen van Kees Lekkerkerker’. Volgens Warren
behoorde Lekkerkerker ’tot de grilligste en grappigste correspondenten’ die hij kende.

Van Een verstokt necrofiel verschenen 75 arabisch genummerde, ingenaaide exemplaren en 15 romeins genummerde, gebonden exemplaren. Voor bestellingen: info@mennovoskuil.nl. Zie ook: de website van Menno Voskuil.

Geheim dagboek 1996-1998 verschijnt in mei 2008

Uit de voorjaarscatalogus van Uitgeverij Bert Bakker:

‘Vanmorgen vóór het opstaan met een heerlijk orgasme de liefde bedreven. “Je hebt nog geen erectiepil nodig,” plaagde M.’. Het is 15 juni 1996 in het Geheim dagboek van Hans Warren. Het jaar dat hij vijfenzeventig wordt, een jubileum dat groots wordt gevierd. Zo onthaalt de Zeeuwse Commissaris van de Koningin hem in het Prinsenlogement. Hans Warren spreekt hem toe in Borssels dialect en ontdekt na afloop dat z’n gulp openstaat.

Een oude man, die elke dag iets nieuws wil beleven. Alleen reageert hij angstig op deze avances: ‘Ze pakte m’n hand, streelde me, zat me verliefd aan te staren en zei dat ze me zo graag zag.’ Het dagboek van Hans Warren, de onzekerste man op aarde. En tegelijk een kampioen van kritiek: ‘Ik houd niet van dat Duitse mooi met een bergachtige rivierbocht en een ruïne.’ En ook nog eens een grootmeester in genieten.

Genieten van het lichten van de zee aan de dijk bij Westkapelle of van een Vintage Port uit 1957, een geschenk van Gerrit Komrij: ‘Hij was pafferig, hikte en hoestte, peuterde telkens heel smerig in zijn neus, maar zijn vriendschap ontroerde me diep.’

De dagboekcahiers uit deze jaren liggen vol klavertjesvieren. Hans Warren is een zondagskind,en dat weet hij. Alleen al omdat ook op maandag het heerlijkste eten op tafel komt. Hij klaagt zelfs ergens dat hij, ondanks zijn geluk, zoveel klaagt. Als het er werkelijk om spant, klaagt hij juist niet.

Er wordt kanker bij hem vastgesteld, en hij blijkt dan zo’n patiënt: ‘Heerlijke sardines uit de Oosterschelde, afgewassen, en ik schuif achter m’n bureau, verwarming vol aan. Ik merkte dat ik vandaag af en toe een huppeltje maakte, een merkwaardig verschijnsel lijkt me, op de dag van je eerste bestraling.’ Het enige dagboek ter wereld waarin alle gordijnen opengaan. Kijk als je durft, zie je jezelf daar?