Auteursarchief: Ronny en Eric

Uit de nalatenschap van Hans Warren 146 ~ Willem Oltmans

In 1985 staat er nóg een dagboekschrijver op: Willem Oltmans. Hans Warren vindt het boek, het eerste uit een lange reeks, een bespreking waard. ‘Ik zal me gematigd opstellen. Ondanks alles heb ik een zekere sympathie voor deze geestverwant,’ noteert hij op 14 juli 1985 in Geheim dagboek. Op 23 juli 1985, drie dagen nadat de recensie in de krant stond, stuurt Willem Oltmans een opgetogen brief aan Hans Warren: ‘was er zéér blij mee’. Aan het eind van de twee kantjes laat hij weten: ‘Ben tot 10 Aug bij Bouterse’. Een opmerking die veel zegt over Oltmans, precies honderd jaar geleden geboren. Hij ging om met allerlei twijfelachtige figuren uit de wereldpolitiek, en was daarop nog trots ook. Gehoor vond hij nauwelijks voor zijn verhalen, maar hij bleef zichzelf hardnekkig als een top-journalist aanmerken die gefnuikt werd door de boosaardige Nederlandse overheid. Na een lange rechtszaak haalde hij nog zijn gelijk ook. In 2000, vier jaar voor zijn dood, kreeg hij een schadevergoeding van acht miljoen gulden. Oltmans werd nog officiëler toen hij zijn archief, honderd meter lang, naliet aan de Koninklijke Bibliotheek. Na een Amsterdamse ontmoeting in 1987, een dubbelinterview, noteerde Hans Warren over Oltmans: ‘Hij is gek, dom en arrogant, hij schreeuwt verschrikkelijk, maar ik heb geen hekel aan hem gekregen’. Er is ook een verslag van de andere kant, Oltmans schrijft op 31 mei 1987 dat het gesprek ‘in een redelijke sfeer’ verliep ‘tot het moment dat Hans zei dat hij zijn jonge vriendje Mario even ging halen. Daarna veranderde de sfeer. Warren wilde macho overkomen bij zijn vriendje’. Hans Warren bleef recensies over Oltmans schrijven, hij bleef geïntrigeerd maar raakte ook steeds meer geïrriteerd. Tot woede van Oltmans, uiteraard uitgesproken in epistels op papier van verre hotels en voorzien van exotische postzegels.

MARIO MOLEGRAAF

Opperhuidmens wint Zeeuwse boekenprijs 2025!

Gisteravond is in Pathé Vlissingen de Zeeuwse boekenprijs uitgereikt aan Mario Molegraaf voor ‘Opperhuidmens’, zijn biografie over Hans Warren. Uit het juryrapport: “Een intiem literair meesterwerk. Soms pijnlijk, altijd eerlijk.” En ook “De hoofdpersoon is zó Zeeuws, zó geworteld in dit landschap, zó gevormd door licht, lucht en getij.”

Juryvoorzitter Hugo de Jonge maakte de winnaar bekend tijdens de opening van de Week van het Zeeuwse Boek.

Zie ook: PZC nieuwsbericht.

Zie ook: Omroep Zeeland.

Uit de nalatenschap van Hans Warren 146 ~ Schrijfbloc

Zomaar een doos uit de rijen, rijen, rijen in de Zeeuwse Bibliotheek. Manuscripten doos 18 en daaruit envelop nummer 7. Er komt een ‘Schrijfbloc’ tevoorschijn en meteen ben ik middenin het bestaan van Hans Warren. Nou ja, niet precies middenin, het gaat om notities uit 1949, 1950. ‘Ik word ouder,’ schrijft hij op een van de vellen, hij loopt tegen de dertig en heeft zijn weg in het leven nog niet gevonden. Hij moet kiezen tussen Nous van Westen en Helen Ferguson, en beweert in zijn schrijfbloc, alleen in zijn schrijfbloc: ‘Ik heb gekozen Nous, of liever: besloten. Want ik sta niet voor de keus: jou of Helen. Zij wordt mijn vrouw, en jij blijft mijn vriendje als voorheen.’ Zo is het er uiteindelijk komen te staan, maar doorstrepingen en aanvullingen maken duidelijk dat de schrijver nauwelijks raad wist met Nous’ positie. Hij vervolgt op 16 september 1949 – hij kent Helen amper een maand: ‘Nous is droom, Helen realiteit. De pijn moet uit mijn ogen, ik wil het zwart op wit zien: ik heb Nous meer lief hoewel hij minder waard is, maar ik kies, op het ogenblik althans, zonder enig voorbehoud Helen.’ Zonder enig voorbehoud? Nous ‘en zijn voorgangers’ zorgden voor ‘bijna uitzinnige, extatische en wanhopige gevoelens’. Helen, zo stelt hij vast, heeft hij ‘niet hartstochtelijk, wel innig lief’. Hij heeft ‘haar lief zoals men zichzelf liefheeft: rustig, wetend dat zij er zal zijn, geestelijk of lichamelijk wanneer ik haar nodig heb’. Maar van een rustige relatie komt weinig terecht, zij zegt nee in een brief waarnaar hij verwijst in de, in de schrijfbloc bewaarde, opzet voor een eigen epistel, waaraan hij begon op een zaterdagavond. ‘I am sorry that I have to go back to our – I must say your – rupture of December ’49. That unfortunate letter you sent me by then, has spoilt more than I’ll ever be able to tell you’. Toch zegt hij naar haar te verlangen. Was zij maar bij hem, om mee te kijken naar de glorieuze avondval over water en velden. ‘Owls cry and the riping and flowering corn-fields bring a very special odour, a bit wry and bitter.’ Het lijkt bijna of ook de schrijfbloc zo ruikt, naar graan en zomer en Schelde en Hans Warren.

MARIO MOLEGRAAF

Fries Museum

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: de voormalige gebouwen van het Fries Museum, destijds gevestigd in twee tegenover elkaar liggende rijksmonumenten aan de Turfmarkt (Kanselarij) en Koningsstraat (Eysingahuis) te Leeuwarden (Het museum is in 2013 verhuisd naar nieuwbouw aan het Wilhelminaplein).

Uit Geheim Dagboek:

19 juni [1991] – 13.15 – (…) Gisteren zijn we naar Friesland geweest. We vertrokken omstreeks kwart over zes ’s morgens en waren exact te middernacht terug. (…)

We gingen eerst naar het Fries Museum, waar de aardige tentoonstelling Beestenspul was te zien. Beeldjes van Romeinse goden omringd door de dieren die bij hen horen, vaak in deze contreien gevonden. Het was een eerbetoon aan mevrouw A.N. Zadoks-Josephus Jitta ter gelegenheid van haar 80ste verjaardag. Ook verder bleek de archeologische afdeling interessant, veel vondsten uit terpen. Zalen met Fries zilver. Een paar boeiende schilderijen, zoals Saskia van Rembrandt uit 1633, het prachtige zelfportret van Wybrand de Geest. (…)

5 aug. [1998] – 16 u. – Ons eerste doel gisteren was het Fries Museum in Leeuwarden, het was helemaal verbouwd sinds we het jaren geleden bezochten. De Mata Harizaal, een van de onderdelen waarvoor we waren gekomen, stelde teleur. (…) We bekeken ook de andere afdelingen van het museum. De interessante archeologie (met onder andere de Romeinse bronsjes uit de terpen), de stijlkamers uit Hindelopen (lelijker en benauwenders interieurs zijn niet denkbaar), de schilderijen. (…)

Vlissingen

Op zijn zwerftocht door Nederland fotografeert Martin van der Kamp landschappen, graven en gebouwen die verbonden kunnen worden met het leven en werk van Hans Warren. Deze keer: Vlissingen, middernacht.

Screenshot

Uit: Eiland in de stroom (1951), Walcherse verzen.

VLISSINGEN, MIDDERNACHT 

In de gewassen nacht

de grootse flonkerkronen der zeesteden –

prikkelend briljanten salamander

glijdt de ferry nader

over een koningsblauw tapijt van golfgeruis.

Zeevogels fluiten

wolken en regen los

het wier deint zuigend

langs de schoeiing.

Als knappende schelpen fris

carilloneert met uurbellen twaalf

de toren, zilt.