
1987 20 april – tweede paasdag, 9.45 – Gisteren aten we de eerste Zeeuwse lamsoren, even in boter gesmoord, heerlijk. Ik probeerde een salak, een slangenvrucht, dat was niets. De vrucht is prachtig om te zien: een peer met glanzend bruin slangenvel bekleed. Haal je de harde, inderdaad chitine-achtige huid eraf, dan komt een driedelige vrucht te voorschijn, die nogal kwalijk naar varkensmest ruikt en ook niet prettig smaakt. We hebben het ding weg gekieperd. Ik kan moeilijk voedsel weggooien, maar zojuist heb ik opruiming gehouden in de diepvries: restanten soep en bouillon, doosjes met niet meer bekende inhoud, stukjes kaas. Er lagen zelfs nog ingevroren ‘nieuwe’ haringen. De goudplevieren heb ik nog bewaard, al betwijfel ik of we die ooit zullen eten. Wat een opluchting dat alles weg is! Zo moet ik ook eens kleren en linnengoed uitzoeken, paperassen en foto’s. Laatst opende ik een doos met foto’s van oma Adriana de Blok, beschimmeld, door papiermot aangevreten, gauw dicht. Het beste zou zijn alles op te ruimen. (Geheim Dagboek 1987-1990, datum van verschijnen nog niet bekend)
Categoriearchief: Nieuws
Warren in dagboeken Willem Barnard (Guillaume van der Graft)
Dit voorjaar verscheen bij uitgeverij De Prom Anno Domini. Dagboeken 1978 – 1992 van Willem Barnard, als dichter bekend onder het pseudoniem Guillaume van der Graft.Warren schrijft in zijn eigen dagboek geregeld over Van der Graft. In Geheim Dagboek 1952 – 1953 duikt Van der Grafts naam voor het eerst op. Warren is weinig positief over diens verzen. “Ik zie talenten rondom me: Lodeizen, Rodenko, Andreus, Lucebert. Minder talent in Van der Graft, geen in Van der Molen.” (13 augustus 1953). In 1958 haalt Warren Rodenko aan die beweert dat Van der Graft en Warren twee dichters zijn die “tot de belangrijkste onder de modernen gerekend moeten worden” (21 januari 1958).Als Warren in 1973 inziet dat scheiden van Mabel onvermijdelijk is, vindt hij troost in een gedicht van Barnard en besluit hem te schrijven. Barnard reageert met een aardige brief. Warren schrijft in zijn dagboek: “Hij heeft deze zomer en nazomer een zware inzinking gehad, duidt het aan als ‘ik ben door de grond gegaan'” (30 november 1973). Barnard schrijft dan ook over hun eerste ontmoeting: “Was ’t niet in 1947 dat Tinka en ik jou ontmoetten aan het ziekbed van Jan Vermeulen in Leiden?” Warren zelf heeft daar geen herinnering aan.Over de zware inzinking schrijft Barnard ‘achteraf’ in zijn nu uitgegeven dagboeken die in 1978 aanvangen. Hij is halverwege de jaren zeventig verlost van het predikantschap en begint een nieuw leven in Utrecht: “sindsdien sta ik niet langer op een stoel, maar zit aan tafel, de schrijftafel.” In deze keuze uit zijn dagboeken wijdt Barnard één uitgebreide aantekening aan Hans Warren. Hij reageert daarin op een recensie van Warren die de kerkliederen van Barnard ‘alleen maar ergeniswekkend’ noemt. Barnard slijpt zijn pen en schrijft: Hans W. heeft zelf in zijn dagboeken nogal uitgeweid over zijn homoseksuele levensvisie. Dat ontgaat mij nu weer, ik ben zo hetero als een haan. Ik dien mij dus van ieder oordeel te onthouden. Ik lees die homofiele vertogen niet, want de homofilie staat mij tegen en ik ben er ten enen male niet nieuwsgierig naar. Hetzelfde zou van toepassing kunnen zijn op Hans W. ten opzichte van mijn liederen voor de liturgie. Het staat hem tegen dat te lezen. Het interesseert hem ook niet en het gaat hem niet aan. Anderen wél! Hem niet. Hij ergert zich. Maar ben ik daarom ergeniswekkend?! Voor een feestbundel ter gelegenheid van de tachtigste verjaardag van Barnard/Van der Graft schreef Warren in 2000 het gedicht Boegbeelden, ons gedicht van de maand augustus.
Bespreking dagboek Barnard in PZC
In de PZC van 14 juni jl. besprak Mario Molegraaf de poëzie en het dagboek van Willem Barnard. Over het dagboek is hij lovend: (…)Er valt veel te beleven in Anno Domini. Barnard kijkt naar zichzelf: “Mijn tobvermogen is abnormaal.” Hij levert commentaar op de wereld: “Televisie, je treedt er desnoods voor op, maar je haalt het niet in huis.” Maar het dagboek is vooral interessant vanwege de strijd tussen de dichter en de dominee.(…)Al in de eerste aantekening schrijft hij over zijn verscheurdheid. Hij wil niet, maar hij moet toch. Hij kan door de poëzie geen theoloog zijn als andere theologen, door de theologie geen poëet als andere poëten. Zo hoort hij nergens bij, niet eens bij zichzelf. Hij gaat dan ook met twee namen door het leven: Willem Barnard en Guillaume van der Graft. In dit denderende dagboek versmelten ze zich, de dominee zonder kerk, de dichter zonder prijs.
Geheim Dagboek 29 februari 1976.
Zondag. Een merkwaardige dag, een ´schrikkelzondag´. Meer dan twee zal ik er wel niet beleven. In 1948, nu, maar of ik er 29 februari 2004 nog zal zijn?
Presentatie Geheim Dagboek trekt veel belangstellenden

Afgelopen donderdagavond organiseerde de PZC een Hans Warrenavond in de Zeeuwse bibliotheek te Middelburg. Alle stoelen in de aula waren bezet. Nadat Andreas Oosthoek, hoofdredacteur van de PZC, iedereen welkom had geheten, kreeg Mario Molegraaf uit handen van Remco Volkers van uitgeverij Balans, de eerste exemplaren uitgereikt van Geheim Dagboek 1984 – 1987 en van de bloemlezing Wie er maar even was, was al gelukkig.
Ongepubliceerde gedichten De bloemlezing met 100 gedichten over Frankrijk, die Molegraaf samenstelde ter gelegenheid van de komende boekenweek, vormde het vertrekpunt van Molegraafs lezing. Hij las Warrens gedicht De zwaan voor dat ook in de bloemlezing is opgenomen. Voor liefhebbers van Warrens poëzie viel er meer te genieten deze avond. Molegraaf vertelde over de ontstaansgeschiedenis van een aantal bekende gedichten van Warren, zoals Thuiskeer in Zeeland, Zandblauwtje en Calandpolder. Maar ook las hij een paar ongepubliceerde gedichten voor die hij in de nalatenschap van Warren heeft gevonden. Zo bleek het manuscript van ’t Zelve anders een gedicht te bevatten, getiteld In de nacht, dat veel explicieter homo-erotisch is dan de in die bundel daadwerkelijk gepubliceerde gedichten. Verder las Molegraaf een lang gedicht voor dat Warren in zijn jeugd schreef over zijn geboortehuis aan de Schelde. En bij het verlaten van de aula ontvingen alle bezoekers ook nog eens het ongepubliceerde gedicht Februari (gedateerd 17 februari 1980).


Redigeren
Maar natuurlijk ging het deze avond ook uitgebreid over het Geheim Dagboek, en dan vooral over het nieuwe deel. Molegraaf ging in op de spanning tussen Kunst en Waarheid, die onstaat op het moment dat een dagboekdeel wordt klaargemaakt voor publicatie. Het redigeren van een dagboek is zoiets als zorgen dat je haar goed zit bij een openbaar optreden. Het dagboek moet in de eerste plaats een goed boek worden en te veel herhaling, bijvoorbeeld, zou de kwaliteit niet ten goede komen. Zo zijn niet alle ruzies in de geredigeerde versie terechtgekomen. Omdat Molegraaf ook al tijdens Warrens leven betrokken was bij de redactie van het dagboek vindt hij dat hij zelf de enige is die de tekst nu kan bezorgen
Eén dagboek per jaar
Tijdens en na Molegraafs lezing was er gelegenheid voor het stellen van vragen. We hoorden dat er nog zo´n vier dikke dagboekdelen gaan verschijnen, in een tempo van minimaal één per jaar. Even joeg een bezoeker de schrik door de zaal toen ze op verwijtende toon Molegraafs rol in Geheim Dagboek 2001 aan de kaak stelde. ´Ik zou u willen aanklagen voor mishandeling van een oude zieke man,´ zei ze. Eén van Warrens trouwste fans, Ria Zifkamp, reageerde alert op de aantijging en gaf daardoor Molegraaf de tijd een adequaat antwoord te formuleren. Hij verwees daarbij naar het artikel van Bert Keizer over Geheim Dagboek 2001 (Zie het nieuwsarchief januari: 11 januari 2003).

Vervolgens signeerde Molegraaf de twee gepresenteerde boeken. Na afloop, onder de borrel, vernamen wij uit betrouwbare bron dat de roddel van Max Pam (zie nieuws 25 februari) over het nageslacht van de familie Molegraaf uit de lucht gegrepen is.Toen de bezoekers rond elf uur buiten kwamen was Middelburg geheel bedekt door vers gevallen sneeuw.

In een vitrine had de Zeeuwse Bibliotheek stukken uit het archief van Hans Warren tentoongesteld, waaronder de cahiers 1984 – 1987.
